Het opzetten van een blaarkopketen

De Kruidenier Groep, een groothandel in de foodservicemarkt, werkt aan de commerciële herintroductie van de blaarkopkoe. De Kruidenier Groep doet dit met haar vaste vleesleverancier Ruitenburg, veehandelaren Hunland Impex en Boeder’s veehandel en Rivierduin G38 Advies.  De keten heeft uit duurzaamheidsoverwegingen besloten tot afname van rundvlees- en zuivelproducten van de blaarkop. Een ambitieus plan want in 1999 bestond de populatie uit slechts 500 raszuivere blaarkoppen.

De blaarkop is een bijna vergeten ras. Het is een dubbeldoelkoe: geschikt voor zowel vlees- als zuivelproductie. Dat maakt hem minder bruikbaar voor specialisatie en schaalvergroting op het gebied van melk- of vleesveehouderij. De blaarkop is wel een goed alternatief voor veehouders die niet mee willen of kunnen doen met schaalvergroting en intensivering. Met natuurlijke barrières heeft de blaarkop weinig problemen, in tegenstelling tot veel andere rassen. Daarom is hij uitermate geschikt voor beweiding in (natte) natuurgebieden.

Voor de afzet van rundvlees en rundvleeswaren zijn  minimaal 3.500-4.000 blaarkoppen per jaar nodig. Om dit te realiseren moet een consistente, kwalitatief hoogwaardige populatie van zeker 10.000 stuks worden opgebouwd. Daarnaast verkoopt de Kruidenier Groep tientallen miljoenen liters melk per jaar. In de toekomst moeten alle door de Kruidenier Groep verkochte rundvlees- en zuivelproducten van de blaarkopkoe  afkomstig zijn.

Aanpak

Een groot aantal activiteiten wordt uitgevoerd om de keten op te zetten. Van genenonderzoek tot certificering, van bijeenkomsten met veehouders tot het kwalitatief opschalen en vermarkten van de blaarkopproducten. CREM is verantwoordelijk voor het projectmanagement en de gedeeltelijke uitvoering van de projecten.

Share | Print